Op dit gedeelte van de site treft u de meest actuele vragen en antwoorden aan. Hebt u een vraag en wilt u die graag hier beantwoord zien? Mail dan naar info@locatievalkenburg.nl.
Historie project
Waarom bouwen? In de Nota Ruimte van VROM wordt over de ontwikkeling van de locatie Valkenburg het volgende gesteld (conform de door de tweede Kamer aangenomen motie van Van Bochove en Van As): “Na sluiting van vliegkamp Valkenburg is verstedelijking ter plaatse mogelijk. Verstedelijking is slechts mogelijk indien voor een goede ontsluiting van de locatie wordt gezorgd, zowel over de weg als per openbaar vervoer. Om voldoende draagvlak voor een hoogwaardige ontsluiting per openbaar vervoer te scheppen en om te kunnen voldoen aan de woningvraag in de Duin- en Bollenstreek/HollandRijnland, dient op het vliegkamp een door betrokken overheden in goed onderling overleg nader vast te stellen aantal woningen te worden gerealiseerd. Daarbij wordt in de richting van Wassenaar rekening gehouden met het creëren van een ruime groene buffer, die als ecologische verbindingszone tussen de duinen en het Groene Hart kan fungeren.” (PKB, pagina 162, paragraaf 4.2.5.3). Over het tijdig ontsluiten van nieuwe woon- en werklocaties zegt de Nota Ruimte het volgende: “Als algemeen uitgangspunt geldt dat nieuwe grote woon- en werklocaties tijdig en adequaat dienen te worden ontsloten, dat wil zeggen dat vanaf het moment waarop met bouwen wordt begonnen de aanleg van de ontsluitende infrastructuur van start moet gaan. De mede-overheden dienen over voldoende financiële middelen te kunnen beschikken om tijdig met de aanleg van de noodzakelijke ontsluitende infrastructuur te kunnen beginnen. In de verstedelijkingscontracten die tussen het Rijk en de betrokken mede-overheden worden gesloten, worden hierover harde, juridisch afdwingbare financiële afspraken gemaakt.”
Hoe zit de relatie met andere projecten in de As Leiden-Katwijk in elkaar? Voor zowel de RijnlandRoute als de RijnGouweLijn is in het ISP rekening gehouden met zoekgebieden waarbinnen de tracékeuzes nog moeten worden bepaald. Verdere planvoorbereiding in de vorm van bestemmingsplannen kan dan ook slechts plaatsvinden nadat zekerheid over de aanleg, financiering en timing van beide projecten is verkregen.
Inhoud
Wat is er zo duurzaam aan dit plan? In het algemeen betekent duurzaamheid: goed en doelmatig ruimtegebruik, een goede leefomgeving en een zo gering mogelijke belasting van natuurlijke hulpbronnen. Bij Nieuw Valkenburg zal duurzaamheid een hoofdrol spelen. Dat zal vooral in de uitwerking van het plan te zien zijn. Maar ook op het niveau van dit Integraal Structuurplan is het streven naar duurzaamheid te zien in de fundamentele keuzes voor omgang met de bestaande elementen. Die keuzes zijn met name de volgende: - grote delen van de landingsbanen worden hergebruikt, als nader onderzoek uitwijst dat dit ook (milieu-)technisch mogelijk is - de Groene Buffer wordt structureel in stand gehouden en versterkt en de openheid gewaarborgd, alles dankzij inrichting en beheer en een zorgvuldige overgang naar het bebouwde gebied - er worden geen woningen gebouwd dicht bij de bovenlokale weginfrastructuur, de N206/RijnlandRoute, uit zorg voor de directe leefomgeving - de kwaliteit van de leefomgeving wordt ook bevorderd door te bouwen aansluitend op bestaande landschappelijke kwaliteiten, zoals dat gebeurt nabij de Mient Kooltuin en aan het Valkenburgse Meer. - plekken met bestaande natuurwaarde, zoals het helofytenfilter en het bunkerbos en het zogeheten IVN-bosje, worden ingepast zodat de bestaande biodiversiteit wordt behouden. Duurzaamheid betekent bovendien doordacht ontwerpen: keuzes maken die in een latere fase geen belemmering vormen voor een duurzame inrichting van het gebied.
Waaruit blijkt dat dit plan toekomstvast is? Het plan geeft de hoofdlijnen en de structuur van de gewenste ontwikkelingen weer. Een raamwerk met keuzen die voldoende stevig zijn om de richting te bepalen, maar met voldoende ruimte om alle kansen te benutten bij toekomstige uitwerkingen. Dat laatste geldt bijvoorbeeld voor de te verwachten ontwikkeling op het gebied van energiegebruik en bouwtechniek van woningen, maar ook voor de inpassing van te verwachten archeologische vondsten. Het plangebied met het gewenste aantal woningen is te groot om als één ontwikkelingsgebied op te vatten. Daarom zal een deel van de gebieden wel planmatig worden ontwikkeld, waarbij bouwproductie en tempo voorop staan, zonder dat dit ten koste gaat van de ruimtelijke kwaliteit. Maar een ander deel zal op meer organische wijze kunnen worden gebouwd: uitgespreid over een langere periode met de sociale structuur als basis.
Er wordt gebouwd in een polder waar een grote waterpartij wordt gecreëerd. Kan dit leiden tot wateroverlast? De bestaande driedeling (kwel-, polder- en boezemwater) wordt in het ontwerp benut en het water wordt het gebied in getrokken. Daarbij zal het schone kwelwater in Mient Kooltuin niet rechtstreeks worden afgevoerd naar de Oude Rijn, maar door Nieuw Valkenburg worden geleid. De nieuwe plas brengt openheid en lucht in het woongebied en biedt - naast ruim voldoende waterberging - gelegenheid voor interessante woonmilieus en voor recreatie.
Komen er ook woningen op het water? Nee.
Hoe strikt is de scheiding tussen ‘groen’, ‘rood’ en bedrijven? In het ISP wordt bewust aandacht geschonken aan de geleidelijke overgangen tussen deze functies.
Wordt de Mient Kooltuin nu alleen geschikt voor recreatie met paarden/paardensport? Hoofdgedachte in het ISP is dat de Mient Kooltuin in zijn geheel wordt omgevormd tot recreatiegebied. In Het concept wordt het deel ten noorden van de 1e Mientlaan nog meer geschikt gemaakt voor sportbeoefening en recreatie. Ook wordt er meer groen ontwikkeld. Aan de zuidzijde wordt het gebied verder geschikt gemaakt voor hippische activitetiten. Er wordt nader onderzocht hoe de invulling er precies uit kan zien.
Betekent dit dat de agrarische functie van de Mient Kooltuin verloren gaat? Op termijn is dit het geval.
Waar kan ik de voorgestelde bebouwing in het Hof mee vergelijken? De woningen in dit deel van het plangebied zijn voor een deel gestapeld. Ze liggen rond ruime hoven die elk een eigen inrichting kunnen krijgen. Dat kan bijvoorbeeld gezamenlijk groen zijn, er zijn speelvoorzieningen denkbaar, pleintjes, beplanting, of waterelementen. Het parkeren wordt kleinschalig opgelost, onder de bebouwing, in de binnenterreinen en langs de straten.
Hoe zit dat bij Meer en Watering? Zijn daar referenties van? In het zuidelijke deel, rondom het water, ontstaan woonmilieus met groene oevers en tuinen. In het noordelijke deel, aan de haven en ten noorden daarvan, kenmerkt de woonomgeving zich door stenen kades en een dichtere bebouwing. Aan de noordrand van de haven bevindt zich één woongebouw dat met de zuidgevel georiënteerd is op de haven. Het woongebied tussen De Woerd en de boulevard is verwant aan het westelijk gelegen Hof, maar de dichtheid is hier lager en het maaiveld ligt iets hoger. Het woonmilieu ten zuiden van de boulevard is groener en luwer en loopt in dichtheid af naar het huidige bunkerbos. Referentieafbeeldingen zijn opgenomen in het ISP.
Is het plan financieel haalbaar? Het plan is in principe haalbaar. Er moet nog worden doorgerekend aan kosten en baten, mede in relatie tot een aantal bovenplanse zaken, de inrichting van de groene buffer en woningdifferentiatie in de regio Holland Rijnland
Is er met dit concept een plan ontstaan dat invulling biedt aan het internationale topmilieu-karakter dat het rijk nastreeft? Het RVOB en de gemeente Katiwjk gaan nader onderzoek doen om te bezien of dit plan (ook in de toekomst) het karakter van internationaal topmilieu kan waarborgen. Mogelijk leidt dit op termijn tot aanpassingen van het plan.
Is dat internationale topmilieu nu eigenlijk wel iets voor de gemeente Katwijk? Het internationale topmilieu is iets dat in de Randstad moet worden gefaciliteerd. Het plangebied vormt een van de laatste kansen om dergelijke woningbouw te realiseren.
Waarom is het internationale topmilieu niet gepland op het deel van de gemeente Wassenaar? Op het Wassenaarse deel van het plangebied is momenteel sprake van een groene buffer tussen het bebouwde deel van Wassenaar en het voormalig Marinevliegkamp. In de Nota Ruimte is vastgelegd dat deze buffer moet worden gecreëerd.
Hoe ziet het bedrijventerrein eruit? Het Werkpark, noordelijk in Nieuw Valkenburg, is een ontspannen, open en groene omgeving voor hoogwaardige bedrijven. Het deelgebied ligt aan weerszijden van de N206/RijnlandRoute - deels er zelfs bovenop. Dit is de entree, het gezicht van Nieuw Valkenburg voor wie per auto of openbaar vervoer aankomt. Bijzonder is dat het maaiveld op twee plekken over de N206/RijnlandRoute heen gaat. De weg wordt ingepast in het landschap en het groene Werkpark gaat op die manier over in de Dorpsweide van ’t Duyfrak. De inpassing van de weg maakt daarbij goede langzaamverkeerverbindingen mogelijk. Daardoor vormt het Werkpark een sterke ruimtelijke en praktische verbinding met het dorp Valkenburg. Het park sluit aan op de Valkenburgse dorpsweide, geeft het gebied ook openheid, en is een duidelijke ruimtelijke overgang tussen het huidige Valkenburg en Nieuw Valkenburg.
Wat voor soort bedrijven komen er? Het Werkpark bevat hoogwaardige bedrijven (categorie 1 tot en met 3). Doel is om hier organisaties te vestigen die in hun activiteiten aansluiten bij de (internationale) voorzieningenstructuur van dit onderdeel van de Randstad.
Kunnen er ook bedrijven in de woongebieden komen? Met name langs de korte landingsbaan, de boulevard, bevinden zich veel voorzieningen, maar ook op andere plekken in het gebied komen deze terug. In dit gebied wordt ook hier en daar wonen en werken gecombineerd.
Waarom kan de glastuinbouw niet uitbreiden? Het rijk heeft de locatie aangewezen als woonlocatie. Afspraken tussen de projectpartners hebben er toe geleid dat de Zijlhoek buiten het plangebied valt. De provincie is op zoek naar een andere locatie voor uitbreiding van de glastuinbouw.
Wat gaat er gebeuren met de huidige bebouwing in de Woerd? Er blijft glas tot er andere areaalopties beschikbaar zijn
Op welke manier wordt er rekening gehouden met archeologische vondsten? Er wordt met archeologische vondsten omgegaan conform de geldende opvattingen: laten liggen, inpassen in de bebouwing of opgraven en conserveren.
Wat zie je straks nog van de verkeerstoren? Die blijft in zijn huidige vorm behouden en wordt ingepast in de inrichting van de omgeving.
Hoeveel woningen komen er? In totaal wordt gerekend met de bouw van circa 5.000 woningen, in verschillende prijsklassen en dichtheden.
Wat gaan de woningen kosten? Er komen woningen in alle prijsklassen.
|